Jaargang 20 • Nr 6 • 2 juni 2014
De markten zijn in een opgewekte stemming. Overal worden nieuwe toppen gezet. Ook als men de markt in Nederland bekijkt en men corrigeert de index voor de uitgekeerde dividenden, is er sprake van een nieuwe top. De S&P500, de DJIA, de DAX en vele anderen lieten in de afgelopen weken allemaal een nieuw All-Time-High zien. Maar onder deze euforie gaat een heel ander beeld schuil. De sentimentindicatoren zijn het niet met de huidige ontwikkeling eens. En dat vertelt ons dat het niet allemaal goud is wat er blinkt. Om een paar voorbeelden te noemen: de CPR Index in Nederland gedraagt zich zonder meer slecht; de Amsterdamse AD-lijn is negatief; de omzetten bevestigen nergens de nieuwe toppen; ogenschijnlijk zijn de markten niet overbought, maar als men naar de standaarddeviatie analyses kijkt dan is, dat wel degelijk het geval. Tot slot noemen wij ook enkele koersindicatoren. De Momentum Analyses zijn vaak al langere tijd dalende. Daar zitten twee aspecten aan. Enerzijds is dit een signaal, dat de markten gaan dalen, maar anderzijds betekent een reeds langere tijd aan de gang zijnde daling van de indicatoren, dat al veel van de negatieve elementen in de markt zijn opgeruimd. De hierop volgende koersdaling zou dus minder kunnen zijn. In de vorige aflevering van de Technische Belegger wezen wij reeds op de zwakte van de huidige markt. Wij doen dat opnieuw en nu met grotere aandrang. Maar omdat de reactie in de onderliggende factoren reeds ver is doorgeschreden zijn wij er minder van overtuigd dat de markt afstevent op een grotere correctie. Wel lijkt het zeker dat er duidelijke veranderingen op komst zijn. De rente en de dollar zijn beide op een punt gekomen dat er iets staat te gebeuren. Met name de rente zou wel eens de trigger kunnen zijn, die een omslag in de markt veroorzaakt. Het is dus tijd om voorzichtig te zijn en meer op liquiditeiten dan op beleggingen te vertrouwen.
De DJIA op dagbasis
In figuur 1 ziet u de Dow Jones Industrials Index op dagbasis. Drie weken geleden werd er een top gezet op 16.735. Sinds de top op 31 december van 2013 is dat een stijging van 123 punten. Niet om naar huis te schrijven maar de markt is stijgende en dat is voldoende om te stellen dat de uptrend die in 2009 werd ingezet nog steeds in takt is. Sinds februari van dit jaar zijn de koersen in een stijgende wedge geraakt. Er zijn 4 aanrakingspunten geweest en normaliter is dat het moment waarop een uitbraak volgt. Deze uitbraak vindt dan aan de onderkant plaats. Het zou ons niet verwonderen, als de theorie in dit geval gelijkt zou krijgen. Als men onder de koersen kijkt dan ziet men ten eerste een Zone Oscillator. En deze Oscillator heeft een top gezet. Op dit niveau is dat meestal een teken, dat de kracht uit de markt is en dat er een daling volgt. Nog verder naar beneden in de figuur ziet men de Momentum Analyse. Deze divergeert al sinds maart van dit jaar, toen het eerste aanrakingspunt werd gezet, negatief. Hij is nog stijgende maar de draai is reeds aangekondigd. De conclusie moet zijn dat de DJIA op zeer korte termijn een daling gaat inzetten. En iedere koers beneden 16.341 verstoort de opgaande trend.
Overigens gaf de S&P500 afgelopen vrijdag in ons handelssysteem een duidelijk verkoopsignaal.
De DJIA op weekbasis
In figuur 2 ziet u dezelfde index op weekbasis. De nieuwe top is duidelijk herkenbaar door de horizontale lijn. Het koersbeeld toont de hausse, waarin de markt zich bevindt, maar daaronder is het hommeles. Dat wil zeggen dat de Momentum Analyse zonder twijfel negatief divergeert, waarbij de laatste top niet meer door de Oscillator werd bevestigd. De Stochastics daaronder is nog steeds positief maar zodra de blauwe lijn de zwarte kruist is het gedaan met het optimisme dat uit de koersgrafiek straalt.

De DJIA op maandbasis
Ook in figuur 3 ziet u de DJIA maar nu op maandbasis. U ziet de gehele periode sinds 2009 waarin zich de hausse heeft voltrokken. Het is een mooi plaatje met een gestage groei van de DJIA. Het probleem zit hem opnieuw in de Momentum Analyse daaronder. Hij divergeert negatief en de bevestiging van de laatste top ontbreekt in het Histogram. De Moman is ook dalende en dat al sinds januari.
Samenvattend
De DJIA is een gematigde index. Wij laten hem hier zien in drie timeframes om een evenwichtig beeld te tonen van de markten. Er zijn plaatjes die beter zijn, zoals dat van de Nikkei, maar in het algemeen zijn ze slechter. Wij concluderen uit dit gehele palet dat de markt op zijn tanden loopt. Een reactie of misschien wel een correctie zit in de lucht en als belegger is het goed u daarop voor te bereiden.
De Rente
In figuur 4 geven wij een beeld van de ontwikkeling van het effectieve rendement op 10-jarige Nederlandse Staatsobligaties op weekbasis. Gedurende de gehele hausse van de aandelenmarkten (dat is dus sinds 2009) daalde de rente (overigens dateert de inzet van de daling reeds van voor 1990 toen wereldwijd de rente een tussentijdse piek bereikte). En ook afgelopen week werd de daling voortgezet. Er zijn op dit moment geen duidelijke signalen (meer), die wijzen op een nu snel naderend einde van de rentedaling. Maar de bodem, die rond de jaarwisseling in 2013 gezet werd op 1,48% is inmiddels dichtbij en de Momentum Analyse, wijst al er langer tijd op, dat het einde van de lange termijn rentedaling in zicht is. En als men dan bedenkt, dat de rente in historisch perspectief zeer, zeer laag ligt, lijkt het niet lang meer te zullen duren, voordat zich een omslag aandient. Concrete aanwijzingen andere dan die van de Moman hebben wij niet, dus voorlopig kan de rente nog iets verder dalen.
Ook in de VS is de lange termijn rente (10- en 30-jaars) in de voorbije maanden weer flink gedaald. Ook hier is niet sprake van nieuwe dieptepunten maar wordt wel de oude bodem genaderd. In de media kan men hierover her en der verwondering lezen. De vermindering van het opkoopprogramma van de FED zou immers tot minder vraag moeten leiden en dus tot lagere prijzen van obligaties van de Amerikaanse overheid. En lagere obligatiekoersen betekent een hogere rente. Dat desondanks de rente toch gedaald is, heeft met twee andere gelijktijdige factoren te maken.
Op de eerste plaats is ook het tekort van de Amerikaanse overheid aan het dalen, dankzij de groeiende Amerikaanse economie, maar vooral ook dankzij de automatische bezuiniging van 10% over de gehele begrotingslinie, die werd doorgevoerd toen Obama en het Amerikaanse congres niet tot een vergelijk over de begroting konden komen.
Maar op de tweede plaats lijkt het erop dat de afnemende vraag van de FED meer dan gecompenseerd wordt door de toenemende liquiditeit in de wereld die steeds maar weer op zoek is naar rendement. Overal in de wereld wordt er gespaard, schulden worden afgelost en bankbalansen worden kleiner. Het geld dat daardoor vrijkomt zoekt een veilig heenkomen en vindt dat kennelijk in Amerikaanse Treasuries. Er is dus een gebrek aan kwalitatief goede obligaties en dat vindt zijn weerslag in een markt die geen enkel probleem heeft met het wegvallen van een grote speler zoals de FED in de afgelopen maanden is geweest.
Niet vergeten moet bovendien worden, dat de FED voorlopig alleen minder meer koopt. Ze koopt nog altijd Treasuries, alleen minder dan voorheen.
Toch kan dit niet eeuwig worden volgehouden. Want als de rente blijft dalen, dan zal ook de inflatie blijven zakken en dan dreigt het gevaar van deflatie, een probleem dat voor overheden en centrale bankiers veel moeilijker onder controle te houden is dan een situatie van inflatie.
Voorlopig blijft de liquiditeit in de markt dus groot en de druk op de rente blijft dus bestaan, ook al is deze bijna niet meer aantrekkelijk voor belegging. Deze conclusie staat dus haaks op wat hierboven staat over de aandelenkoersen. Daarom vermoeden wij dat de rente voor de trigger zal gaan zorgen door (onverwacht scherp) te gaan stijgen, in lijn met wat de Moman ons al enige tijd probeert te vertellen. Zijn waarschuwing staat al zo lang uit, dat het niet hoeft te verbazen als hij op korte termijn gelijk gaat krijgen. Maar zover is het nog niet. Gezien het feit echter dat de rente al sinds van voor 1990 (met de nodig oprispingen) aan het dalen is mag men niet verwachten dat er zich zo maar ineens grote stijgingen gaan voordoen. Maar zoals altijd zullen kleinere rentestijgingen grotere gevolgen hebben op de aandelenmarkten.
De twee horizontale lijnen in de grafiek zijn de trendlijnen. De vette dateert vanuit 1990 en de lichte lijn dateert van 2009. De 10-jaars rente moet dus stijgen tot 2,5% of 3,5% om te mogen stellen dat we met een lange termijn stijgende rente te maken hebben. Zolang deze niveaus niet gehaald zijn kan men slechts spreken van fluctuaties. Maar een stijging van het huidige niveau tot 2,5% is al een flinke renteschok en zal dus ontegenzeggelijk haar (negatieve) uitwerking op de aandelenmarkten hebben.
De US$ versus de €
De dollar heeft in de laatste vier weken een opmerkelijke opmars gemaakt. Vanuit een dieptepunt van 71,5 steeg hij naar een slotkoers afgelopen vrijdag van 73,3 (zie figuur 5). Mooi, maar het zegt nog niets. Zolang de eerste horde op 74,2 niet genomen is, zijn dit soort stijgingen niet anders dan normale fluctuaties. Maar de stijging volgde op een periode van duidelijk positieve divergenties in de indicatoren. Er zit nog genoeg ruimte om een verdere stijging mogelijk te maken. Deze kan echter wel onderbroken worden door een lichte daling gezien het feit dat de korte termijn enigszins overbought is. Een verder stijging zou stuiten op een zware weerstand op 74,2. Hier komen de horizontale weerstandlijn en een dalende trendlijn samen. Dit type weerstandniveaus is altijd moeilijk te nemen. Overigens is deze stijging van de laatste vier weken slechts een druppeltje op een gloeiende plaat als men naar de maandgrafiek kijkt. Deze staat in figuur 6.
In deze grafiek hebben wij in de bovenste helft de koers van de $ in € getekend zoals dat ook in figuur 5 is gebeurd en in de onderste helft precies andersom, de koers van de € in $’s. De afgelopen vier weken zijn slechts te herkennen als een witte candle in een dalende trend (bovenste helft). Deze dalende trend wordt aan de bovenzijde begrensd door dezelfde trendlijn, als die welke u in figuur 5 ziet. Een doorbraak door het 74,2 niveau is dus wel van belang. En dit is des te belangrijker als men in figuur 6 kijkt naar het Kop/Schouderpatroon dat in wording zou kunnen zijn. Een doorbraak door 74,2 brengt de dollar terug op weg naar 84,2. Een koers daarboven zou de top verbeteren en daarmede het K/S patroon wegvagen. Maar als de daling wordt voortgezet openen zich de kansen dat de neklijn, die wij in de figuur getekend hebben gebroken gaat worden. Dat zou de dollar in een werkelijke crisis storten. En afgaande op de grafiek in de onderste helft is dit scenario het meest waarschijnlijke. Van essentieel belang is dus de doorbraak van het 74,2 niveau dan wel de doorbraak van de neklijn die momenteel rond 68,0 ligt. Wij wachten daar dus op.
De prijs van een troy ounce Goud
Het goud heeft het niet gemaakt in de afgelopen periode. Vorige week was er zelfs sprake van een forse terugval. In figuur 7, waarin de World Gold Index is opgenomen op weekbasis, is te zien dat hij nu op een sterke steun ligt. Het is mogelijk dat dit de ultieme steun wordt want de dagpatronen zijn zeer overbought en wijzen op een stijging.

De prijs van een vat Brentolie
Er is geen aanwijzing te vinden dat de olieprijs een bijzondere beweging gaat maken. Het meest waarschijnlijke is dat er een verdere daling komt na de zwarte candle van afgelopen week. Maar dat moet gezien worden als een voortzetting van de horizontale beweging, die op de grafiek te zien is. Men zou de markt ervan kunnen verdenken, dat men met bijzondere scherpzinnigheid de olieprijs op een voor iedereen redelijk niveau houdt. Dit vertaalt zich dan in een consolidatie, die al lang aanhoudt, maar waarvan niet gedacht mag worden op dit moment dat hier verandering in zal komen. Brentolieprijzen die boven US$113 of onder US$105 liggen zullen reden zijn om attenter te worden.
Presentatie(s)
De eerstvolgende presentatie van Vladeracken zal worden gehouden in het Oude Stadhuis van Montfoort (Kasteel Montfoort), op:
19 juni 2014
De avond zal om 20.00 uur beginnen en om 22.00 uur worden beëindigd met een informele borrel. De avond is toegankelijk voor iedere belangstellende. Wij wijzen u er echter op dat wij streven naar een gezelschap van circa 15 tot 20 mensen en dat de capaciteit derhalve beperkt zal zijn. Mocht u aanwezig willen zijn, laat ons dat dan even weten per mail op vladeracken@vermogensbeheer.co. De eerste, daaropvolgende bijeenkomst zal in het najaar worden georganiseerd.
Beleggen bij Vladeracken
Al maandenlang is het saldo liquiditeiten in onze aandelenportefeuilles geleidelijk aan gegroeid. Aandelen en trackers die niet voldoen aan onze criteria worden geleidelijk verkocht terwijl nieuwe aandelen en trackers niet worden aangekocht omdat onze modellen alsmaar wijzen op een fase van correctie waarin een flinke tik omlaag nog altijd tot de mogelijkheden behoort. Het risico van aandelenbeleggingen is, ondanks een aantrekkende economie wereldwijd, eenvoudigweg te groot. Het gevolg is, dat wij weliswaar met de aandelenbeurzen op en neer meebewegen, maar dat wij daarbij steeds minder mee heen en weer gaan. Met name in de actieve portefeuilles is het saldo liquiditeiten inmiddels zelfs opgelopen tot 50% of meer. Het maakt dat een eventuele koersdaling weinig tot geen schade zal aanrichten, maar het zorgt er ook voor dat wij in opgaande bewegingen juist achterblijven. Daar waar wij obligaties in portefeuille houden wordt dat achterblijven gecompenseerd door de relatief hoge rente die op de aangekochte obligaties wordt uitbetaald, terwijl ondertussen de rente ook nog eens daalt waardoor de koersen van de obligaties in veel gevallen ook nog eens stijgen. Daar is het daardoor zelfs beter dan dat van indexen als de AEX. Al met al past dit alles wel in ons, voorzichtige, beleid. Beleggen is vooral een kwestie van geduld en risicobeheersing en dat is precies wat wij momenteel doen, geduldig wachten op het juiste moment om in te stappen.
Tabel 1 Resultaten vermogensbeheer Vladeracken BV *
| Risico profiel |
Methode |
2009 |
2010 |
2011 |
2012 | 2013 | 2014 t/m 30 mei | Doel per jaar |
| Zeer defensief |
Stamrechtportefeuilles |
8,3 % |
8,2 % |
-/- 1,6 % |
7,8 % |
4,0 % |
1,6 % |
4,0 % |
| Defensief |
Obligatieportefeuille |
9,8 % |
10,0 % |
3,2 % |
7,9 % |
3,2 % |
2,5 % |
4,0 % |
| Matig |
Mix aandelen / obl. |
17,8 % |
13,3 % |
-/- 7,4 % |
11,6 % |
6,5 % |
1,7 % |
6,0 % |
|
Matig / fondsen |
Fund Selector |
34,3 % |
13,1 % |
-/- 12,7 % |
-/- 1,1 % |
6,6 % |
2,9 % |
6,0 % |
| Normaal aandelen |
PRIJS<Waarde Methode |
44,8 % |
14,2 % |
-/- 38,5 % |
8,8 % |
10,8 % |
-/- 2,9 % |
8,0 % |
| Actief aandelen |
Amsterdam Selector |
14,3 % |
16,8 % |
-/- 15,9 % |
3,5 % |
15,3 % |
2,9 % |
8,0 % |
|
Wereld Selector |
6,0 % |
14,0 % |
-/- 10,5 % |
16,0 % |
47,7 % |
-/- 3,2 % |
8,0 % |
|
| Benchmark |
AEX Index |
36,4 % |
5,7 % |
-/- 11,9 % |
9,8 % |
17,2 % |
1,4 % |
|
|
EuroStoxx 50 |
21,0 % |
-/- 5,4 % |
-/- 17,1 % |
13,8 % |
17,9 % |
4,4 % |
* Het gaat hierom het netto behaalde rendement over de genoemde periode, ná alle kosten van de beheerder. Voor oudere cijfers verwijzen wij u naar onze website.
Meer informatie over vrijwel alle effectentransacties, welke wij in de portefeuilles van onze cliënten hebben uitgevoerd en andere beleggingsoverwegingen, welke uit onze dagelijkse analyses voortvloeien, treft u aan op onze website, www.vermogensbeheer.co, onder de kop “Publicaties” (in chronologische volgorde) of op de website van De Technische Belegger, www.devermogensbeheer.co, waar u onderaan de meest recente uitgave, het laatste artikel op onderwerp gegroepeerd aantreft met een link naar het feitelijk stuk.
De volgende uitgave van de Technische Belegger verschijnt op maandag 30 juni 2014.


