De Technische Belegger • Jaargang 23 • Nr 1 • 9 januari 2017
In Amerika werden er afgelopen vrijdag weer nieuwe toppen gezet. De DJIA stipte gedurende de dag 19.999 aan. Het slot kwam iets lager op 19.963. De S&P500 sloot op 2.276,98. De hoogste koers die dag was 2.282,1 en dat was ook een nieuw All-Time-High. In Europa was het de DAX, die de week met een nieuwe top afsloot al was dat geen All-Time-High. Het ziet er daarmede naar uit dat het Trump-effect nog steeds zijn invloed heeft. Over veertien dagen zullen we zien of het bezit van deze zaak het einde van dit vermaak zal zijn. Want de Trump-plannen klinken wel mooi maar de vraag blijft of hij in staat zal zijn om deze te realiseren. Zijn infrastructurele plannen zullen stuiten op de zuinigheid die het congres overheerst. Nu kan het best zijn dat het financiële vernuft uit Amerika wegen weet te vinden om de grote liquiditeit, die er bestaat in het land, toch te kanaliseren naar deze infrastructurele plannen, maar dat zal toch op zijn minst de nodige tijd eisen. Daarnaast zal hij zeker in het licht van zijn plannen om het land af te sluiten voor immigranten, aanlopen tegen een groot probleem op de arbeidsmarkt. Met een werkeloosheid van 4,6% zit Amerika niet ver meer af van volledige werkgelegenheid en ook al zal er nog getapt kunnen worden uit de reserve van verborgen werklozen, dan blijft staan dat de Amerikaanse arbeidsmarkt gemakkelijk kan vastlopen. Feit is in ieder geval dat de uurlonen al sneller zijn gaan stijgen. Hierbij voegen zich zijn plannen om meer productie terug te halen uit het buitenland. Los van het arbeidsprobleem, dat hierdoor versneld tot spanningen kan gaan leiden, zal dit buitenland zich ook niet ongestraft de kaas van het brood laten eten. En dan is er nog het gevaar van een stijgende dollar. Onder invloed van de stijgende rente (en dat lijkt wel zeker met name ook door diezelfde Trump-plannen) zal deze dollar het Amerikaanse product veel duurder maken. Dit zijn alles tezamen genomen nou niet direct de vooruitzichten die een voortzetting van de rally op de effectenbeurzen kunnen inspireren. De technische analyse lijkt zich bij deze conclusie aan te sluiten. Op korte termijn ziet het ernaar uit dat de beurzen in Amerika nog best wat ruimte hebben, maar al snel lijkt het moeilijker te gaan worden. Als het waar is dat de beurzen in Europa enigszins achterlopen op die in Amerika, dan zou er nog een laatste ruk naar boven kunnen volgen, maar dan moet het wel zo zijn dat het begin van de problemen op de Amerikaanse markt ook niet onmiddellijk doorwerkt op de beurzen in Europa. Hiermede klinken wij niet erg optimistisch en misschien gaat onze conclusie ook wel iets te ver, want op dit moment zijn er geen echte dreigingen te bespeuren, maar toch, als wij naar de grafieken kijken dan voelen wij ons niet gerust.
De AEX Index op maandbasis (fig. 1)

Over het goede nieuws zijn alle beurzen het eens. Het is wat de maandgrafiek – de lange termijn dus – laat zien. Als voorbeeld nemen wij die van de AEX Index, maar hij geldt voor alle markten die wij regelmatig bestuderen. U vindt deze grafiek in figuur 1. Hij begint op de top in 2007 toen een hoogste koers werd genoteerd van 563,89. Vanuit deze top zette de markt een diepe val in, die zijn bodem vond op 195. Sindsdien bevindt de koers zich in een oplopend kanaal. In 2015 ontstond er een false move toen de bovenzijde van het kanaal even verlaten werd. In het begin van 2016 viel de koers dan weer terug tot aan de onderzijde en sindsdien is de markt bezig zich te ontworstelen aan deze laatste daling. Dat geschiedde door een heel langzame opwaartse beweging en pas in de maand december, die nog maar net achter ons ligt, werd een horizontaal lijntje doorschreden (afsluiting van een oplopende driehoek) waardoor deze daling werd gestopt. Deze opwaartse driehoek is in theorie niet helemaal ideaal maar tegelijkertijd werd een dalende lijn doorschreden, die een iets grotere gelijkbenige driehoek begrensde en dit maakt het beeld in technische zin helemaal in orde. Deze uitbraak maakt het mogelijk een doel te berekenen van 590, hetgeen een heleboel is. In de grafiek hebben wij met rood de Fibonacci steun- en weerstandlijnen getekend. De eerste weerstand ligt op 510, dit is een voorgaande top. De volgende ligt op 563. De steunniveaus zijn met cijfers ingetekend.
De Momentum Analyse daaronder is positief. Hij is stijgend en er wordt niet negatief gedivergeerd. Er is dus niets mis met de langere termijn (het eerste Trumpjaar) maar daar is niet alles mee gezegd.
De AEX Index op weekbasis (fig.2)

U vindt deze in figuur 2. Er lijkt weinig op te merken waarover men zich ongerust zou moeten maken. Er heeft een uitbraak plaatsgevonden uit een langere consolidatieperiode. De gemiddeldes liggen in de juiste volgorde en zijn stijgende. De Slowed Stochastics ligt hoog, maar dat is normaal. Het Volume helemaal onderaan is in de laatste maanden van 2016 mooi gestegen. Het ligt nu laag maar men moet dit wijten aan de vakantieperiode. De beurs draait nog lang niet op volle toeren. Boven het Volume vindt u de Momentum Analyse. Hij divergeert niet negatief. Hij is stijgende maar….. de Oscillator heeft afgelopen week een daling ingezet. Om de Moman dalend te noemen moeten alle twee de elementen dalen en dat is op dit moment dus nog niet het geval. Maar hier schuilt een negatieve mogelijkheid en men moet hier veel serieuzer naar kijken als men weet, dat in Amerika de Momentum Analyse wel degelijk aan het dalen is. Ook in Japan is dat het geval en het ligt dus voor de hand te veronderstellen dat wij in Europa volgende week hetzelfde gaan zien. Hieruit vloeit voort dat men er rekening mee moet houden, dat wij een (langduriger) reactie gaan zien in de komende periode.
De AEX Index op dagbasis (fig. 3)

U ziet de daggrafiek van de AEX Index met zijn Keltner Channel. Al enige tijd liggen de koersen boven de bovenste grens. Er volgde, nadat de weerstand op 478 gebroken was, een consolidatie maar deze werd op zijn beurt gevolgd door een nieuwe stijging. Van hieruit lijkt zich opnieuw een daling te hebben ingezet en deze lijkt wel serieus. De Momentum Analyse daaronder is al enige tijd aan het dalen. De opflakkering, die men ziet, hield geen stand. De Moman is overigens al ver, maar niet vergeten dient te worden dat de koersbeweging zich vaak versnelt als het nulniveau gekruist is. De Fast Stochastics daaronder bevestigt het dalende beeld. Hij is zojuist door de bovenste horizontale lijn gebroken. Beide indicatoren divergeren negatief en dat is in figuur 3 het echte teleurstellende gegeven. Nu is het eenmaal zo dat iedere richtingverandering van de indicatoren in een hoger time frame voorafgegaan wordt door eenzelfde richting verandering in een lager time frame. Of om het anders te stellen. Nu de indicatoren van de daggrafiek dalen is de mogelijkheid aanwezig, dat die van de weekgrafiek ook gaan dalen. Wij hebben hierboven gezien dat de Oscillator van de AEX Index al aan het dalen was en dat de week Moman uit andere markten ook al daalde. De conclusie lijkt dus voor de hand te liggen, dat wij in Amsterdam (lees Europa) een koersdaling tegemoet gaan, die langere tijd gaat duren. Het zullen niet alleen dagkoersen zijn, maar ook de weekkoersen, die gaan dalen. En zolang deze laatsten dalen, mag men geen grote herstel acties verwachten van de dagkoersen. Dit betekent dat de markten op dit moment afstevenen op een reactie waarvan de grootte nog niet te voorspellen is. Maar dat gezegd hebbende is er nog iets anders te constateren.
De S&P500 Index op dagbasis (fig. 4)

In figuur 4 hebben wij de dagkoersen opgenomen van de S&P500 Index. In tegenstelling tot de AEX Index, die de bovenkant van zijn stijgende kanaal nog niet bereikt had, is de S&P500 hier al enige tijd geleden aangekomen (zie bij A). Sindsdien is er sprake geweest van een consolidatie inclusief een lichte daling maar nu is hij opnieuw op weg naar de bovenkant van het kanaal. De indicatoren zijn gaan stijgen, behalve de Zone Oscillator, maar deze bestrijkt een iets langere termijn. In de weekgrafiek is de Moman dalend maar het Histogram is al wel gaan stijgen. Als dit gebeurt vanuit een hoge ligging dan zal de opleving van de S&P500 maar beperkt zijn, maar ook al is hij beperkt dan is dit een ontwikkeling, die ingaat tegen datgene wat gezegd wordt door de grafieken uit Europa. Er is dus nog steeds een kans dat de markten onder invloed van deze S&P500 in Europa enig uitstel gaan krijgen en dat we dus nog een opleving gaan zien, maar wij zien dat toch niet zoveel om het lijf gaan hebben. Dat wij in Nederland een koers van 510 gaan zien voor de AEX Index alvorens deze zijn reactie ingaat, lijkt ons ver gezocht ook al is het mogelijk. Wat echter een belangrijker vraag is, maar waarop op dit moment geen antwoord gegeven kan worden, is wat de komende reactie zal gaan doen op het beeld dat wij hier boven lieten zien aan de hand van de maandgrafiek. Het lijkt ons nog geen uitgemaakte zaak dat het eerste Trumpjaar een positief beursjaar wordt. Daarvoor zijn er teveel fundamentele vraagtekens. De technische analyse zal daar pas later op terugkomen.
De Rente in € (fig. 5)

Dat de lange rente in de VS en in Europa in november en december flink is gestegen zal niemand zijn ontgaan. Maar eind december begon de rente weer te dalen. In figuur 5 is te zien dat de rentestijging in Europa feitelijk weinig om het lijf heeft gehad. Bovenin de figuur ziet u de koersontwikkeling van een obligatie van de Nederlandse staat ui 2006 met een looptijd tot begin 2037. Deze lening is weliswaar qua koers gedaald, maar er is niet eens een nieuwe, lagere bodem gezet. In tegendeel, de koers is op een belangrijke steunlijn gestuit en weer opgeveerd. In de grafiek eronder ziet u de 10-jaars rente in de Eurozone voor staatsobligaties. Deze rentevoet steeg tot 0,6%, ook een belangrijke grens. De grafieken komen daarmee overeen. De lange rente is weliswaar gestegen, maar aan het patroon van lagere bodems (qua rente) en lagere toppen is geen einde gekomen. Daarmee is de recente rentestijging in de €-zone voorlopig niets anders dan een tijdelijke reactie. In feite kan men pas van een structurele trendverandering spreken als de 10-jaarsrente tot boven 1,56% is gestegen.
De Rente in US$ (fig. 6)

Maar dit beeld doet geen recht aan de gebeurtenissen in de VS. Hier is de rente veel harder gestegen. En belangrijker, in de stijging is de lange termijn dalende trend (in rood in figuur 6 weergegeven waar u de 10-jaars rente ontwikkeling ziet in de VS) gebroken. Boven deze trend is een adempauze ingezet. Die zou zomaar de rente weer terug richting 1,4% kunnen brengen en dan zou u dus nu in langlopende staatsobligaties moeten stappen. Maar wij vinden dit scenario erg onwaarschijnlijk. Veel logischer zou het zijn, dat de rente na een korte adempauze verder op gaat lopen in de VS tot in de buurt van 3,02%. De economische groei in de VS is hoog, de werkloosheid daalt en ligt inmiddels op wat economen noemen “transitieniveau”, uurlonen stijgen in een steeds sneller tempo, en de inflatie begint toe te nemen. Als aankomend president Trump dan ook nog eens de geldkraan opendraait, dan kan de Amerikaanse economie zomaar in een situatie van oververhitting terechtkomen met een flinke stijging van de rente tot gevolg. De twee indicatoren onderin figuur 6 wijzendit tweede scenario aan als het meest waarschijnlijke. De top in deze rentebeweging is nog niet gezet. En dan mag u ook van de Europese rente niet verwachten dat die weer flink zal dalen op korte termijn. Kortom: langlopende staatsobligaties zijn wat ons betreft nog altijd niet de plek om uw geld in te beleggen.
De US$ en de € (fig. 7)

Dit onbesliste beeld is terug te vinden in de grafiek van de US$. Al sinds 2009 bevindt de koers van de $ zich in een langzaam stijgend kanaal t.o.v. de €. Op nog weer langere grafieken hebben wij u al eens laten zien dat de $-koers daarbij afgelopen maanden een grens bereikt heeft die samenvalt met de ultralange termijn dalende trend van de $ tegenover de €. Op dit cruciale niveau beweegt de $ voorzichtig opwaarts ten opzichte van de € richting het door veel analisten al genoemde “pari”-niveau. Maar het wil daarbij niet echt lukken om een sterke trend in te zetten. Was de weerstand van 95,6 met een koers van 96,8 in december net gebroken of de $ zette weer een terugtrekkende beweging in. Ook de Momentum Analyse onder in figuur 7 geeft geen duidelijk uitsluitsel. En ondertussen ligt er een vrijwel horizontale steunlijn rond 86, die, als hij gebroken wordt, wel eens tot een scherpe reactie de andere kant uit zou kunnen leiden, dat wil zeggen tot een flink herstel van de € t.o.v. de $. Een terugkeer van de inflatie in de VS zou de trigger kunnen zijn, het openzetten van de geldpers door Trump eveneens. Feit is dat figuur 7 er “topperig” uitziet, dit is geen beeld waaruit geconcludeerd kan worden dat de $ op korte termijn flink verder zal gaan stijgen t.o.v. de €.
De prijs van een vat Brentolie (figuur 8)

Elk jaar weer wordt overal aan analisten gevraagd om voorspellingen te doen voor de financiële markten. Richting en doel worden dan gevraagd en aan het einde van het jaar blijkt dan telkens weer dat de meeste analisten er naast hebben gezeten. Wij doen daar daarom vrijwel nooit aan. Maar soms is een grafiek zo duidelijk, dat een richting en een koersdoel wel afgegeven kunnen worden. En voor de olieprijzen is dat ditmaal het geval. In figuur 8 ziet u een weekgrafiek van de prijs van een vat Brentolie in $’s. Gedurende 2015 en 2016 heeft zich een groot kopschouderpatroon gevormd. Eind 2016 is de koers van Brentolie door de neklijn omhoog gebroken (die ligt rond US$54). Het patroon is niet geheel symmetrisch als men naar de breedte van het patroon kijkt, maar wel als men naar de dieptepunten van de schouders kijkt. Op grond van dit patroon kan (met een statistische waarschijnlijkheid van meer dan 60%) gesteld worden dat de olieprijzen (Brent) in de komende maanden (dus mogelijk zelfs nog dit jaar) zullen oplopen tot een eerste doel van US$77 tot US$81 per vat. Wij hebben u hier al in december op gewezen en herhalen het hier voor de goede verstaander nogmaals: olie is “the place to be” in de komende maanden.
De prijs van het goud (figuur 9)

Teleurstellend was natuurlijk de ontwikkeling van de koers van het goud in 2016. Aanvankelijk leek goud juist de beste beleggingscategorie van het jaar te gaan worden, maar paradoxaal genoeg leidde de verkiezing van Trump tot een forse daling van de prijs van het goud. Maar dat is slechts ten dele waar. Want als u naar figuur 9 kijkt, waar wij bovenin de ontwikkeling van de goudprijs in $’s getekend hebben, dan lijkt inderdaad sprake van een forse daling in de laatste maanden van het jaar. Maar in het midden ziet u diezelfde koersgrafiek, alleen nu gemeten in € (de donkerrode lijn). Ook hier is sprake van een daling, maar van een veel gematigder daling die bovendien de lange termijn opgaande trend (hier niet getekend) niet eens genaderd heeft (waar dat wel zo is in de $-grafiek, de lange opgaande trend is de lijn bij A). Het paradoxale in deze ontwikkeling is, dat de aandelenrally en de stijging van de rente allebei zijn ingegeven door de verwachting dat in de VS de economie in een verhoogde versnelling zal geraken onder Trump en dat daarmee ook de inflatie weer de kop zal opsteken. En een toenemende inflatie is goed voor de prijs van goud. Dus hoe vreemd is dan de daling die wij nu gezien hebben? Wel, die is niet vreemd als deze daling een laatste stuiptrekking is in een groot bodempatroon van waaruit de lange termijn stijgende trend van het goud weer zal gaan oplopen. Als de prijs van een troy ounce goud op korte termijn de weg tot boven US$1.200 per troy ounce kan vinden, dan is ook goud een categorie waar u met tevredenheid in belegd zult blijken te zijn in komende jaren! Overigens wordt dit beeld bevestigd door het koerspatroon bij andere edelmetalen. Zo is de grens van US$16 per troy ounce zilver van hetzelfde belang als de hierboven geschetste US$1.200 voor het goud. Eerstvolgende en na US$1.200 meest belangrijke horde is de zone, die in de grafiek is aangegeven met B, US$1.308 – US$1.378. Voordat die gebroken wordt zal er nog wel enige tijd verstreken zijn.
Beleggen bij Vladeracken
En toen was daar toch nog de eindejaarsrally. Die heeft aan de aandelenkant het jaar voor onze cliënten uiteindelijk toch nog enigszins dragelijk gemaakt. Ronduit goed zijn de resultaten geweest in die portefeuilles waar actief in aandelen gehandeld wordt en met opties en andere derivaten aanvullende posities worden ingenomen. Dat is niet elk jaar zo, maar dit jaar leverde het op gezette tijden schrijven van opties en het zo nu en dan actief switchen tussen aandelensectoren duidelijke voordelen op. Teleurstellend waren de resultaten in de defensieve portefeuilles. Waar obligaties in portefeuilles doorgaans worden opgenomen om een defensieve buffer te creëren lag daar juist ons grootste probleem. Vooruitlopend op de stijging van de lange rente, die alsmaar op zich liet wachten maar uiteindelijk direct na de verkiezing van Trump tot 45ste president van de V.S. toch op gang kwam, hebben wij al in 2014 en 2015 de gemiddelde looptijd van onze obligatieportefeuilles drastisch verlaagd. Om toch nog aan enig rendement te komen kozen wij ervoor om een deel liquide aan te houden en daartegenover enkele bedrijfsleningen met een relatief hoger risico aan te kopen. De gedachte daarbij was, dat het omvallen van één bedrijf wellicht een paar procent rendement zou kosten, maar dat dit door de gemiddeld goede couponrente in de rest van de portefeuille in relatief korte tijd weer zou worden ingelopen. Maar in plaats daarvan vielen er drie bedrijven waarvan wij obligaties hadden aangekocht om en ook nog eens vrijwel tegelijkertijd. Het onderstreept nog maar weer eens dat risico niet standaard normaal, maar juist heel scheef verdeeld is, met name in obligatiemarkten. Gelukkig kiezen wij er voor om portefeuilles goed te spreiden. Een gemiddeld verlies van 10,7% in onze stamrechtportefeuilles is veel, maar niet onoverkomelijk als men bedenkt, dat wij al sinds begin 2008, het jaar waarin wij met dit type portefeuille begonnen zijn, ruim 6% samengesteld netto rendement per jaar behaalden in dit meest defensieve segment van onze portefeuilles.
Daarmee hebben wij in 2016 over de hele linie onze doelstellingen niet behaald en dat is vervelend en teleurstellend. Het legt de lat voor 2017 hoog. Niet alleen moeten in sommige portefeuilles nog verliezen worden ingelopen, er moet ook opnieuw een rendementsdoelstelling behaald zien te worden. Maar de sterren lijken dit jaar iets gunstiger te staan. Liepen wij in 2016 in de eerste week van het jaar al de grootste kleerscheuren op, de eerste week van 2017 is over de hele linie positief geweest met uitschieters tot meer dan 2% in sommige portefeuilles in opwaartse richting. Wij beginnen dus met frisse moed aan een nieuw jaar en wensen u en onszelf toe dat de resultaten aanmerkelijk beter mogen zijn dan in 2016. En gezien het feit dat veel aandelenindices een duidelijke uitbraak omhoog hebben laten zien op vrijwel alle lange termijn grafieken lijkt er wat dat betreft nog wel een en ander in het vat te zitten.
Tabel 1 Resultaten vermogensbeheer Vladeracken BV *
| Risico profiel | Methode | 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 |
Doel per jaar |
| Zeer defensief | Stamrechtportefeuilles | 7,8 % | 4,0 % | 0,4 % | 2,9 % | -/- 10,7 % | 4 % |
| Defensief | Obligatieportefeuille | 7,9 % | 3,2 % | 0,8 % | 3,7 % | -/- 20,2 % | 4 % |
| Matig | Mix aandelen / obl. | 11,6 % | 6,5 % | -/- 0,9 % | 16,2 % | -/- 3,4 % | 6 % |
| Matig / fondsen | Fund Selector | -/- 1,1 % | 6,6 % | 3,6 % | -/- 1,5 % | 1,1 % | 6 % |
| Normaal aandelen | PRIJS<Waarde | 8,8 % | 10,8 % | -/- 16,0 % | 23,2 % | 0,2 % | 8 % |
| Actief aandelen | Amsterdam Selector | 3,5 % | 15,3 % | -/- 2,8 % | 27,3 % | 0,2 % | 8 % |
| Wereld Selector | 16,0 % | 47,7 % | -/- 4,4 % | 22,9 % | 4,2 % | 8 % | |
| Benchmark | AEX Index | 9,8 % | 17,2 % | 5,6 % | 4,1 % | 9,4 % | |
| EuroStoxx 50 | 13,8 % | 17,9 % | 1,2 % | 3,9 % | 0,7 % |
* Het gaat hierom het netto behaalde rendement, ná alle kosten van de beheerder. Voor oudere cijfers verwijzen wij u naar onze website.
Meer informatie over vrijwel alle effectentransacties, welke wij in de portefeuilles van onze cliënten hebben uitgevoerd en andere beleggingsoverwegingen, welke uit onze dagelijkse analyses voortvloeien, treft u aan op onze website, www.vladeracken.nl. De volgende uitgave van de Technische Belegger verschijnt op maandag 6 februari 2017.
Den Haag, 9 januari 2017
Gijsbrecht K. van Dommelen
Vladeracken Vermogensbeheer
Disclaimer
De auteur is verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Vladeracken BV, een vermogensbeheerder met vergunning van de AFM. Dit stuk is geen beleggingsadvies. Wie conform bovenstaande ideeën belegt of wenst te beleggen doet dat voor eigen rekening en risico. In dit kader wijzen de auteur en Vladeracken BV alle verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit stuk van de hand.








